10 november 2017

#metoo

Flauw' Trees

Dat was het eerste dat in mij opkwam.
Ik kon niets anders bedenken dat dat.
Flauw' Trees, daarvoor val je de politie toch niet lastig?

Een zekere Foxy Lady had net op Facebook haar relaas gedaan over dat er op weg van haar werk naar huis een flasher voor haar was gesprongen en haar was blijven volgen terwijl ie schunnige dingen naar haar zitten roepen. Afijn, ik ken er de details niet van, maar hij had zich zo'n beetje staan afrukken en ze was er niet goed van. Ze had de flikken gebeld en liet via Facebook weten dat ze erg tevreden was met hun snelle interventie. 
En ik noemde haar een Flauw' Trees. Niet in haar gezicht, maar in mijn huis, want dat doe ik als shit me ergert.
Dan begin ik te ranten in mijn huis. 
Dat ze voor zo'n bagatel de flikken had gebeld, dat potloodventers amper een bedreiging te noemen zijn en dat een sterke onafhankelijke vrouw zoiets toch wel alleen kan afhandelen. Relativeren, die handel, er zijn ergere dingen in de wereld. Flauw' Trees.

Ik kan soms behoorlijk wat debiliteiten fulmineren en ik ben altijd content als iemand er in slaagt mij te doen begrijpen waar ik fout zit.
Achteraf dan, want leren is moeilijk en groeien doet zeer. 
Wat deze specifieke tirade verraadde is dat ik die shit normaal vind.
Of vond, ik ben er nog niet uit.
Ik wil verontwaardigd zijn, maar ik ben niet eens verbaasd. 
Wie zich in een publieke ruimte bevindt, loopt risico's.  Iemand die zich afrukt in het park,  is alvast niemand aan het verkrachten, dus wat is het probleem? Er zijn ergere dingen in de wereld. 
Hoe achterlijk ik deze redenering ook vind, ik maak ze zelf keer op keer. 

Ik kan zelf wel wat voorbeelden geven van shit die ik heb voorgehad waarvoor ik de flikken nooit gebeld heb. Waarvoor ik zelfs nooit hulp heb gevraagd omdat ik geen "damsel in distress" wou zijn. Ik handel die shit alleen af, probeer mijn voorzorgen te nemen en als er toch iets gebeurt, probeer ik het dan maar te relativeren want er zijn nu eenmaal ergere dingen in de wereld.  En ondertussen maar blijven dankbaar zijn dat ik doorgaans alleen maar shit voorheb die ik alleen aankan. 

Doorgaans. Een keer heb ik iemand moeten bellen, omdat ik het niet alleen aankon. Ik heb toen geen hulp aanvaard maar gewoon wat beginnen vertellen. Ik moest gewoon even kunnen wenen. Achteraf was ik daar beschaamd over.  Dat ik die persoon had lastig gevallen met mijn gezaag, want het was immers zo erg toch niet geweest. Ik was toch niet verkracht dus waarom kon ik dat niet gewoon relativeren?  Ik had voordien toch wel al ergere dingen meegemaakt, dus waarom kon ik daar nu ineens niet meer mee om? Waarom moest ik iemands vrijdagavond verknallen met mijn gejank over een bagatel? 

Ik denk niet dat ik de enige vrouw ben die er dit soort ideeën op nahoudt en ik weet zeker dat ik niet de enige vrouw bent die dit soort shit normaal is beginnen vinden. De meeste dingen lijken zelfs de moeite niet om te rapporteren. Een beetje cat- of fatcalling, een hoop kerels die wat porno-geluiden maken, een winkelbediende die een vriendschappelijk gesprek forceert terwijl hij de deur van zijn winkel blokkeert, een voorbijganger die aan je kleren trekt en per se wil weten waarom je je telefoonnummer niet aan hem wil geven, wat ambigue aanrakingen hier en daar... whatever. 
Het gebeurt soms dat op een dronken avond of in een #metoo-moment de verhalen ineens naar boven komen. Soms escaleert dat tot een miserie-competitite, een wedstrijdje om ter ergste anekdote. Herkenningshumor. Me too, me too. Er worden wat praktische tips omtrent sleutelbossen en alarmfluitjes uitgewisseld. Wat trieste reflectie en de avond gaat verder. Yeah, me too. Relativeren die handel. 

Is het gewenning of wil ik zo hard geen damsel in distress zijn dat ik fout gedrag wettelijk strafbare feiten kapot relativeer? Mijn referentiekader is zodanig vervuild dat ik soms het verschil niet meer zie tussen feminisme en geïnternaliseerde misogynie. 
Met mijn verlangen naar gender-gelijkheid heb ik altijd de sterke onafhankelijke vrouw uitgehangen die geen voorkeursbehandeling nodig had. Ik kan ook zware dozen heffen en ik kan mijn eigen eten betalen. Ik sta mijn mannetje, ik ben gewoon one of the guys. Iedereen gelijk. 

Maar als je op onverwachte momenten erop wordt gewezen dat je kwetsbaar bent en een makkelijk en gewenst doelwit precies omdat je een vrouw bent en dat je voorzorgen moet nemen voor je je in een publieke ruimte begeeft en dat je precies nogal veel moet relativeren om gelijk te zijn, dan is dat geen gelijkheid.  Dat is klote. Dus laten we daar vooral veel over zeuren tot we het met z'n allen niet meer normaal vinden. 

Ik hoop dat er altijd mensen in mijn leven blijven zijn die mij doen begrijpen waar ik fout zit, want dat ik die shit normaal vind, is niet normaal.

Nog veel Won Ton uit de Sun Wa

14 november 2016

In pakweg 1850

Ik voel dat ik hier teveel aandacht aan besteed
edoch, lieve Bastaardkinderen, het zit mij scheef, dwars en diagonaal tegelijk.

Sinterklaas is in het land en bijgevolg herleeft de pietendiscussie. Op zich ervaar ik het al als beschamend genoeg dat we dit gesprek nog steeds aan het voeren zijn, maar dat zelfs mijn doorgaans aangename medemens nog steevast in december met de culturele riek en de fakkel selectief voorvechter van vlaamsche tradities wordt, dat gaat mijn sudoku te boven.

Ik ben me er pijnlijk bewust van dat er misschien belangrijkere katten te geselen zijn in de wereld. Dat er een heleboel slaven ingeschakeld worden voor mijn comfort is helemaal waar en vind ik afschuwelijk, maar dat is een heel ander hoofdstuk
en trouwens, lieve hypocriete inhoudsopportunist ik heb u vorige dinsdag nog met twee volle zakken zien buiten komen uit de Primark

Het gaat mij niet om politiek correct zijn, fok dat; ik ben de eerste in de rij om de advocaat van de duivel te spelen en ook een klein stukje provocatie is mij niet vreemd ( op papier dan toch, want ik ben een trotse introvert en verbaal niet sterk)
Ik heb geregeld mijn mijn racistische momenten en daaraan werken blijft work in progress, een softe liefhebbende multiculti zal ik zeker nooit zijn want ondanks dat ik een linkse hipster ben die in Borgerhout woont heb ik zeker niks met Tunesië of Thailand, lust ik geen maniok en hààt ik Arabische muziek, wat in mijn oren nog altijd maar een hoop melodramatisch gebleir is, middeleeuwse RnB quoi.

Ik vind het wel bizar dat je nog steeds moet aantonen dat het hedendaagse doch mateloos verouderde zwartepietenbeeld een kolonialistische karikatuur is, waarvoor je je als mens zou moeten schamen dat je het in stand wil houden.
Maar wat mij het meeste stoort aan het hele behoudsgezinde pitchforkgedrag, is de verstarde boerenpummelhouding.

Wij zijn mensen, wij zijn een samenleving, wij zijn toch enigszins verstandig en flexibel? Ik apprecieer ook wel een traditie hier en daar, maar een traditie is niet iets dat vastligt. Het is iets dat leeft en door en voor mensen in leven wordt gehouden
Het woord 'traditioneel' als star fenomeen is enorm vergelijkbaar met 'natuurlijk' in een pseudodiscussie.
Het roept bij velen iets positiefs en bijgevolg correct op, maar het bewijst eigenlijk niks. Het is gewoon geen argument. punt.

Tradities leven en veranderen.

Laat ons fair zijn, lieve Facebookkinderen; als we destijds een traditie niet hadden willen aanpassen, dan dronken we nu een bier waarin door een maagdelijke novice gespuwd is geweest om de gisting op gang te brengen
dan was die meesterlijk-ambachtelijke hesp vast en zeker van een onverdoofd geslacht dier afkomstig,
dan werd er niét ge-trick-or-treat met Halloween en dan vierden we met kerst de verjaardag van Jezus, of beter nog; de zonnewende, of wat dan ook, maar er kwam dan zeker geen verre neef van Sinterklaas op bezoek met zijn rendieren.

En dan hadden we nu ook helemaal géén Zwarte Piet gehad, want Sinterklaas kwam vroeger helemaal alleen. In Vlaanderen alleszins
In Duitsland bracht ie saters mee, of zo
In Noord-Nederland was het zelf een soort van sater, of zo
Maar gedurende honderden jaren sinterklaasfeest was nergens een zwarte piet te vinden.

Als we het sinterklaasfeest nooit hadden geüpdatet, dan was het nu zelfs niet eens een kinderfeest geweest, maar een zatte bedoening, een braspartij. Dan werden jonge meisjes zo goed als uitgehuwelijkt aan eenieder die hen een Speculazen man cadeau had gedaan. Dat was ooit traditie, maar nu niet meer.  En ben ik daar blij om, want ik lust graag speculaas en ik ben al van 't straat.

Daar stopt het idee van een eeuwenoude traditie, want de gekende Sint met Blackface-entourage dateert van... pakweg 1850? Danku Schenkmanklaas!
Kijk,  ik ben geen historicus en ik ga zeker niet, zoals sommigen rond deze tijd van het jaar, plotsklaps de zwartepietenexpert gaan uithangen.
Mijn historisch besef is behoorlijk troebel en van populistische inslag voorzien, maar ik ga er wel van uit dat onze samenleving én diens culturele tradities er toen behoorlijk anders uit zagen.  Er wordt tegenwoordig toch ook niet zoveel meer levende gans gereden, maar soit

Ik heb weleens gelezen op Wikipedia en zo dat het huidige zwartepietenbeeld zijn wortels kent in de achttiende eeuw en later in de negentiende eeuw gepopulariseerd werd.  Dit schilderij is meer dan honderd jaar ouder dan de eerste beschrijvingen van Zwarte Piet, edoch zijn de gelijkenissen treffend. Het is niet kwaad bedoeld, maar zo zagen blanken hun zwarte medemens vroeger. Als een karikatuur, een wildeman, een gevaarlijk beest, simpel maar braaf mits getemd, maar ook spannend en exotisch.

In pakweg 1850 was het verschil tussen een geboren zwarte een mens zwart van het roet voor  de meerderheid van de bevolking die nog nooit in hun leven "nen neeger" had gezien,  niet bepaald duidelijk.
Sommigen hadden misschien  weleens een zwarte kolonieknecht gezien in een meer begoed huishouden van pakweg een rijke fabrikant, iemand van adel of pakweg een bisschop, zoals Sinterklaas. Die droegen dan witte handschoentjes opdat hun zwarte vel niet zou afgaan op de schoone witte lakens.

Is Zwarte Piet geen slaaf omdat Sinterklaas hem goed behandelt? Wel, er zijn veel mensen die hun paard ook heel goed behandelen, of hun hond of kat, of zelfs hun kippen of hun varken. En ongetwijfeld zullen een pak mensen in pakweg 1850 hun slaven/knechten ook heel goed behandeld hebben, dierenvrienden als ze waren. Maar dat neemt niet weg dat in pakweg 1850 de discussie nog gevoerd werd of zwarte mensen al dan niet een ziel bezaten. Of dat het eigenlijk wel mensen waren?

Het roetverhaal is blijven hangen en als kind heb ik het ook als zoete koek geslikt, maar ik zie nu zelf ook dat het geen roet is, maar een Blackface en dat hoort niet meer thuis in onze cultuur.

Cultuur is geen dode materie, het is iets dat leeft.
Tradities dragen min of meer het DNA van een cultuur en worden van generatie op generatie doorgegeven.
Maar genen muteren en leven evolueert.
Sommige mutaties werken nu eenmaal niet en sterven uit of gaan slapen.

Het stoort mij in deze discussies hoe selectief er met die mutaties wordt omgesprongen. Waarom is de inkleding van een kinderfeest ineens zo ontzettend belangrijk? Is dit nu echt de kern van onze cultuur? Is een kolonialistische karikatuur echt de definitieve veruiterlijking van onze eigenheid? Voor eens en voor altijd vastgelegd, terwijl het voordien al zo vaak veranderd geweest is?
Of gaat het om wie de grootste vragende partij is voor de verandering in kwestie? Is dat waar de kinderschoen wringt?
Dat we er niet tegen kunnen dat "die bruin mannen" ook pakweg mensenrechten willen en zo? Gevoelens hebben? Deel uitmaken van onze maatschappij?

Hoe vaak heb ik al gehoord dat wij blanken in Turkije ook niet mogen gaan zeggen hoe zij het daar organiseren?

Maar we zijn hier niet in Turkije en de vragende partij komt ook niet vanuit  Turkije. De vraag wordt hier en nu gesteld.  Het zijn Belgen (en Nederlanders) die vragen om een nieuwe modernere en minder beledigende invulling van het sinterklaasfeest. Geen Turken, Marokkanen, Congolezen, Nigerianen, Amerikanen of wat dan ook.
Het zijn Belgen die, of je het nu leuk vindt of niet, deel uitmaken van onze maatschappij en bijdragen aan onze cultuur en onze tradities mee helpen vernieuwen.




Laat ons alsjeblief niet verstarren

Nog veel Won Ton uit de Sun Wa

07 mei 2016

"het economische dat boven het menselijke primeert" en andere betekenisloze uitspraken

De dikste shit aan de kunstensector is het schrijnend gebrek aan kunstenaars.
Hiermee bedoelen we niet alleen dat allerhande creatieprocessen al decennialang gehinderd worden door inhoudelijke bliksemafleiders zoals subsidies en het tekort eraan, maar ook dat die subsidies al ze er zijn haast volledig worden opgeslorpt door allerhande niet-creatieprocessen die al decennialang een pervers systeem in stand houden.

Procentueel gesproken zijn er maar redelijk weinig creërende personen ten opzichte van de berg sympathisanten die ook een deel van de koek willen, onder de vorm van hun loonkost, vergader- en prospectiebudget

Sympathisanten zijn de dikste shit
de culturele sector is voor 99 procent gebouwd van een netwerk van sympathisanten
geen kunstenaars.
Sympathisanten

zoals babyboomers en generation X -losers met paarse jassen aan en oranje haar en vaak ook een Theo-bril. Met triviale te pellen eitjes en oppervlakkige meninkjes in domme columns op Apache of zo

of van die generation Y- sneeuwvlokjes die nog nooit in hun leventje ook maar iéts hebben moeten doen die beslissen dat cultuursubsidies moeten aangewend worden om hen van een loon te voorzien om ... belangrijke dingen te doen zoals... kunstenaars hélpen door... te vergaderen!

en truttemieën die afschrijvingstabellen en rekeninguittreksels met elkaar verwarren, maar om een of andere reden continu betaald werk hebben als zakelijk medewerker in de culturele sector
(waar sympathiek zijn belangrijker is dan iets effectief kunnen)

sympathisanten die zowel geen creatief talent als zakelijke skills bezitten,  maar toch arty farty willen zijn én daar voor betaald willen worden ( want stel je voor dat ze eens niet vijf keer per jaar naar hun idyllisch Zweeds huisje zouden kunnen reizen om te kunnen rusten na al dat vergaderen en netwerken)

en als na het uitbetalen van de sympathisanten de subsidiepot leeg is en er voor de artiesten niets meer overblijft, mag er verontwaardigd gedaan worden

en dan zal een stel curators/ programmators/ recensentjes/ netwerkers/... sympathisanten een resem vergaderingen/ netwerkmomenten organiseren waar beslist wordt om over te gaan tot een proper gemanicuurde protestactie in de vorm van een zwempartijtje in Oostende

Als u zichzelf hierin herkent, dan komt dat omdat u niet uniek bent, maar omdat wel honderden mensen die exact dezelfde dingen zeggen als u, naar dezelfde plekken reizen als u, dezelfde aspiraties hebben als u, dezelfde froefroekapsels dragen als u, drinken dezelfde theetjes als u,...
Ik heb u namelijk gefictiviseerd (fictionaliseren- viseren) in mijn ergernis aan wel honderden mensen die exact op u gelijken

Als u zich beledigd voelt, dan bekent u in feite schuld want elke gelijkenis met bestaande personen berust niet op toeval, maar op won ton uit de sun wa

20 maart 2016

Molenbeekse croissants

Ik wou dat ik mezelf ook zo gemakkelijk buiten alle verdenking kon plaatsen door vooral enorm goed te weten wat "de anderen" allemaal fout doen en na mijn gevingerwijs nog eens goed dubbelchecken of iedereen wel gehoord heeft hoe hard ik daar van walg en dan onder het mom van "niet de andere kant opkijken" vooral niet naar binnen te kijken. nooit echt naar binnen kijken. Introspectie is narcistisch of zo... een echte socialist ziet vooral wat andere mensen verkeerd doen.
ik wou dat ik mezelf ook op de borst kon kloppen en op mezelf liggen rukken op de waanzinnige bijdragen die ik mezelf wou kunnen wijsmaken te hebben geleverd aan een mooiere wereld
ik wou dat ik kon geloven dat linnen zakken een impact hebben. echt
ik wou dat ik ook zo vol van mezelf was dat ik kon meedoen in allerhande eco-piswedstrijden
ik wou dat ik ook dacht dat " de maatschappij" een soort van autonome entiteit was, waar ik zelf helemaal niks mee te maken had, alsof ik er geen deel van uitmaak
alsof mijn Facebookprofiel, dit blog, elk kladpapiertje ever ook geen "media" zijn
ik wou dat ik over "de media" in enkelvoud kon spreken
ik wou dat ik zonder enig probleem met Hart boven Hart kon meedoen, zonder te moeten kotsen
ik wou dat ik ze kon geloven, echt.

27 november 2015

Are we the baddies?

In deze gure doch uitzonderlijk warme novembermaand werden wij geplaagd door geïnfecteerde eczeem-opflakkeringen, bestrijd met antibioticakuren gevolgd door bijwerkingen (waaronder een zeer awkward gepositioneerde gistinfectie),  zinloze pseudodiscussies en nog meer ongein
Dit alles trouwens zonder enige inname van nicotine (neen, zelfs niet elektronisch en niet via een verstuiver of muntjes of kauwgom of wat dan ook)

Ja hoor, lieve kinderen, zoals jullie misschien wel weten, zijn wij eind oktober opnieuw gestopt met roken. 
Nu willen wij geen slapende honden wekken, maar op zich gaat dat best goed. Afgezien van de occasionele huilbui her en der maar dat ligt dan toch meer aan  de stoute kunstenaars en debiele culturo dan aan de nieuwe levensstijl.
En wenen is niets slecht. Integendeel: het schijnt enorm goed voor de oogjes te zijn.

Dus laat ons maar even de zever de vrije loop laten en de ganse frustratieboel - laf als wij zijn- het blogosfeer op zwieren. Worden we altijd toch even weer een stukje lichter van en  aangezien er recent nog weer naar mijn blog gevraagd  kunnen we dat plebs ook weer blij maken.

Ziehier:

Aangezien wij - zoals wij al vele malen meldden- niet van het verbaal sterke type zijn 
dit heeft te maken met het feit dat wij meestal eerst proberen na te denken over wat we willen zeggen in plaats van zomaar wat ongenuanceerd reactionair* gezeik uit te roepen of er alleszins zomaar mee in te stemmen 

*wij hebben al geregeld ondervonden dat de gemiddelde zelfverklaarde progressieveling (alles gaande van de nep-liberale Piratenpartij-aficionado over de klassieke salonsocialist tot de botweg debiele Antifa-natiekeling) ,  doorgaans belachelijk behoudsgezind is.

Door deze nadenk-handicap kunnen we nooit snel genoeg reageren in pseudodiscussies om het culturele haantje de voorste te spelen in situaties en plaatsen waar de regel geldt dat wie het snelst, het luidst,  zelfzekerst of alledriest is, per definitie gelijk heeft en bijgevolg de meest levenservaren persoon van het gezelschap is. 

Dit levert ons geregeld frustraties op, vooral omdat de haantjes in kwestie zichzelf aangeleerd hebben om zodanig overtuigd te zijn van het eigen gelijk, dat argumentatie gewoonweg niet nodig is. Het is gewoonweg zo vanzelfsprekend voor het cultuurhaantje dat zijn/haar standpunt waar is, dat eenieder met een andere menig gewoonweg een verzuurde kloot/ een cultuurbarbaar/ een fascist/ ...of 'gewoon raar'** is

**het is niet de eerste keer dat het ons overkomt dat wanneer we vragen waarom iets zus of zo is dat we eerst een verontwaardigd smoelwerk te zien krijgen, vervolgens een aantal vage pseudoargumenten of heldere drogredeneringen op een heel verwijtende toon te horen krijgen, om vervolgens " gij zij gewoon raar/ contrair/ jaloers omda ' ik geen dikke seut zoals gij ben" te horen te krijgen... 

Afijn, 
wij zijn dus niet van het verbale type en doorgaans stellen wij ons niet als confrontator van een cultuurhaantje op, maar deze week zwaar onder invloed zijnde van boeken met tekeningen van lotusbloemen op de kaft, hadden wij  - in een opwelling weliswaar- besloten om  onszelf voor de aardigheid maar eens te overstijgen en dus al eens iets te doen waar wij doorgaans bang van zijn.  In dit geval : confrontatie met een cultuurhaantje***.

 ***Het prachtig type haantje dat u ongetwijfeld wel kent uit diverse gesprekken over linksige thematiek, zoals daar zijn;  
-"basisinkomen is lief"
 -"genetisch manipuleren is niet lief  "
en recent nog 
"datamining is stout"
In het echte leven worden natuurlijk zoveel moeilijke woorden niet gebruikt, maar jullie snappen het idee best wel . 

Waarom wij meestal zwijgend te bang zijn om de confrontator uit te hangen is aangezien dit soort gesprekken steevast volgens hetzelfde stramien verlopen;

De confrontator  stelt iets in vraag wat het haantje zegt. 
Het haantje kijkt verontwaardigd op, begint luider en sneller te spreken en gaat er van uit dat eenieder die niet 100% contra is, per definitie 100% pro  (of omgekeerd) is en past deze veronderstelling toe tijdens het ganse gesprek dat volgt. Het haantje legt zelf niet uit waarom zijn/haar stelling juist is en vraagt zelf ook niet waarom de confrontator het er niet (volledig) mee eens is. Er wordt heel veel verondersteld. Bovendien begint op dit punt het haantje aanzienlijk luider en sneller te spreken ( nog meer)
Het haantje reageert op dingen die de confrontator nooit gezegd heeft, cherry pickt gegevens en probeert de confrontator bang te maken voor wat onderaan de glijdende helling wacht. 
Elke vorm van vraagstelling of tegenwerping wordt geïnterpreteerd als propaganda voor de vijand. Zeiden we al dat het haantje sneller en luider begint te spreken?
Vervolgens verandert het uitgangspunt een aantal keren of wijzigt de context. 
Wanneer de Holocaust-analogie valt,  weet de confrontator dat die de discussie -op intellectueel niveau dan toch- gewonnnen heeft.   Helaas zal dit door derden niet erkend worden.
Er wordt van onderwerp veranderd, soms door de confrontator zelf. Soms door het haantje. Het gaat dan meestal over het weer. Of iets van eten.

En terwijl het haantje en diens zegkippen al lang weer een nieuwe petitie te tekenen gevonden hebben, zitten wij nog steeds over het onderwerp in kwestie na te denken. 
Maar het gesprek heropenen, neen, dat zullen wij niet doen. Want ofwel zijn wij dan weereens de koppige Nezel die niets kan loslaten ofwél begint heel dat stramientje opnieuw.

Maar laten we daar niet over bekakstoveren.
Per slot van rekening hebben wij als kind geleerd dat wij "met zo'n houding" nooit veel vrienden zouden maken
en dus weten wij dat wij naar boeken met lotusbloemen op de kaft getekend niet moeten luisteren
en geen risico's nemen, maar gewoon wijselijk zwijgen en lachen alleen maar IN het vuistje doen
en voorts de samenvatting van de ergernis -aangezien niemand toch voldoende om het onderwerp in kwestie geeft om er de dag na de pseudodiscussie nog steeds over na te denken- te lezen geven op een blog voor het plebs dat dat wel amusant vindt ja. 

nog veel won ton uit de sun wa

27 april 2015

Ik ben een racist, maar...

"Ik ben geen racist, maar..."

En zo spuien we op deze grijze lenteavond alweer een cliché in het linkse spectrum van de sociale media. We kunnen alweer gaan twitteren tot het handjevol mensen dat het sowieso onvoorwaardelijk met ons eens is dat wij het vandaag toch ook alweer onvoorwaardelijk eens zijn met hen. Hiep hoi.
In dit geval gaat de platitudische zelfbestendiging over dat wie een zin aanvat met "ik ben geen racist, maar..." die zin onvermijdelijk afmaakt met racistische drek. En dat dat niet mag. En dat de aanvanger van de zin moet zwijgen. Preaching to the choir again

Het nieuwste vaag op engagement lijkend snoepje komt uit het mandje van de voor mij onbekende vzw Hand in Hand*.
Het keurig in Facebookverpakking en makkelijk naar binnen te happen campagnemateriaal komt in de vorm van een filmpje dat je kan disliken en hoe sneller al jouw vriendjes het filmpje disliken, hoe sneller het filmpje onbekijkbaar wordt voor iedereen. 

Mogen wij even overgeven? 
Is het wel een puik plan om het relaas van een racistische - en duidelijk verwarde en angstige en zich onbegrepen en ongehoord voelende vrouw - zomaar wég te zappen? Alsof het dan plots niet meer bestaat? 
Surtout als je weet dat wie racistisch is, dit ook na deze prutscampagne zal blijven. 
Het enige wat hiermee bereikt wordt, is dat de dislikers van het filmpje kunnen patsen op Facebook met de luttele seconden die zij hebben bekeken. Hiep hoi. We hebben de wereld niet veranderd, maar wij zijn wél goed bezig en het is toch het belangrijkste dat we er zélf goed uitkomen!

Het grappigste is, is dat heel dit filmpjesgedoe zijn eigen boodschap gewoonweg bevéstigt. Ik zie om mijn virtuele zelf heen massa's medesalonsocialisten en ikeacommunisten fier zijn op hoe snel zij het filmpje hebben weggezapt. Op hoe zij toch zo hard géén racist zijn. Alsof racisme ophoudt te bestaan, wanneer je zélf aangeeft geen racist te zijn. En was dat zinnetje niet net het begin van een racistisch relaas?

Wel, hier volgt een nieuwsje: wij - en met deze wij bedoelen wij het godtelijke meervoud- zijn wél een racist.
Wij zijn een racist, MAAR vinden niét dat je mensen kan afrekenen op hun huidskleur of afkomst. Wij zijn een racist, maar vinden eigenlijk niet dat blanken superieur zijn. Of Aziaten. Of wiedanook. Superioriteit is eerder een individueel gegeven, eerder dan collectief, maar dat is voor een andere keer om over te neuten.
Wij zijn een racist, maar eigenlijk vinden we niet dat je mensen in hun rechten mag beperken omdat zij er zo of zo uitzien en omdat zij die of die taal spreken of omdat zij in dit of dat geloven.

Wij zijn een racist, want wanneer wij door een zwarte medemens worden aangesproken, hebben we de oncontroleerbare neiging om Frans of Engels te gaan praten. Dat is racisme.
Wij zijn een racist, want wij hebben net twintig minuten lang zitten twijfelen over met welk woord we het beste op dit blog onze donkere medemens zouden kunnen omschrijven. Zo lang denken wij over onze blanke medemens niet na. Dat is racisme.
Wij zijn een racist,  maar we zijn er niet trots op. Eerder voelen wij ons beschaamd omdat we nog steeds die onwillekeurige reflex hebben om in - voornamelijk in de Stuivenbergbuurt-  de straat snel over te steken als we een groepje Marokkanen zien
Omdat we er - puur op basis van hun huidskleur,  het veelvuldige gebruik van velaire stemloze fricatieven en alveo-palatalen in hun taal en de hoeveelheid zonnebloempithulsels aan hun voeten- vanuit gaan dat zij ons zullen gaan ambeteren. En dat is racisme. En wij vinden dat beschamend, en wij werken eraan, maar het is niet gemakkelijk en het is niet anders..

Gemakkelijk zou zijn om de aandacht van deze korte doch krachtige opstoten van stompzinnige gevoelens af te leiden door oppervlakkig te beginnen dwepen met de uiterlijke kenmerken van een cultuur waar we -eerlijk gezegd- amper iets van begrijpen. Door fake-familiair te doen over onze voormalige ex-overbuurman, genaamd 'Den Abdel' die we eigenlijk helemaal niet zo goed kennen, maar die wel heel luidruchtig grappig kan zijn. Door te ontkennen dat we 'Den Abdel' eigenlijk enorm angstaanjagend vinden, omdat zijn sterk klinkende stem in een taal waar we geen lek van verstaan het soms onmogelijk maakt het onderscheid te maken tussen een gezapige conversatie of slaande ruzie. We zouden kunnen patsen over hoe multicultureel we wel niet zijn, omdat we in Borgerhout zijn gaan wonen en daar geregeld kleine aankopen doen in local shops for local people. We zouden heel nadrukkelijk kunnen vermelden op onze Facebookpagina dat de taginekes in Het Fonteintje en bij El Warda verrukkelijk zijn.

We zouden dat kunnen doen, maar het zou niet eerlijk zijn.
Uiteraard is elk bezoek aan El Warda geniaal en is het fantastisch om in Little Ethiopia te kunnen schranzen met pannenkoeken in plaats van bestek.
Maar lekker gaan eten is niet hetzelfde als een cultuur begrijpen.  En een voorliefde voor folklore maakt een mens nog niet per definitie géén racist.
En met je hoofd begrijpen wat ok is en wat niet, doet je nog niet direct handelen naar wat je snapt.

Het beste waarmee we dit kunnen vergelijken is stoppen met roken.
We zijn intussen al drie keer gestopt met roken en drie keer terug begonnen. Er moet een truc voor bestaan, maar we hebben hem nog niet onder de knie kunnen krijgen.
Wij wéten heel goed dat roken slecht is voor onszelf én voor onze medemens, net zoals wij weten dat onze racistische gedachten zowel ons eigen hoofd als onze medemens verzieken en verzuren.
Wij wéten dat sigaretten helemaal niks goeds voor ons doen, dat we er zelfs niet dronken of high of stoned van worden, dat de verslaving alleen maar zichzelf in stand houdt, als een absurd hamsterwiel.

Wij wéten dat. Maar daarom lukt het nog niet om er mee op te houden. En de racist die ontkent racist te zijn, is er al helemaal niet klaar voor. Wat zal zo'n campagne dan alleen maar doen dat de ontkennende racist meer in de ontkenning duwen? Waardoor er helemaal niets gebeurt
Wij zijn dan misschien wel een beschaamd racist, maar we ontkennen het niet. We werken eraan en we beseffen dat we niet onszelf moeten haten omwille van onze kortzichtige momenten, maar dat we de kortzichtigheid op zich horen te veroordelen, ook al maakt die - nog steeds- deel uit van ons dagelijks handelen.

Is het een puik plan om iemand die vanuit zijn angst, zijn twijfel, zijn onbegrip zich stort in een stompzinnige opvatting kapot te negeren? Uit te lachen? Te lynchen? Te veroordelen? Of zullen we  - genomen wij in onze linkse snoepjesjacht nu eenmaal de morele superioriteit hebben-  dan toch maar de rest van het filmpje uitkijken, eens goed nadenken over waarom iemand zo'n dingen denkt en zegt, misschien eens proberen een constructievere dialoog aan te gaan ipv het louter nog dieper wegduwen van zij die juist het meeste nood hebben aan intellectuele input.
En wanneer we ons focussen op de stompzinnigheid eerder dan de stompzinnige, zullen we misschien racisme de wereld kunnen uithelpen. Maar niet met een andere stompzinnig filmpje van een stompzinnige campagne

Won Ton

* ze doen iets met/ rond/ tegen jobdiscriminatie. Nobel initiatief, maar blank salonsocialisme zal aan zo'n irrationele en complexe materie echt geen fok veranderen. 

09 april 2015

Respect

Soms worden wij weleens toegejuicht omwille van het gebrek aan blad voor onze mond.
Dat is een spreekwoordelijk blad voor de mond en bij wijze van spreken ook;
Wie ons in vleselijke toestand meemaakt, weet dat wij maar een stil vogeltje zijn dat doorgaans mondeling niet veel te vertellen heeft in de grotemensenwereld, maar dat dan grotendeels compenseert in de krochten van het internet aka een blog biatch

Wij worden al weleens op de schouder geklopt omwille van dat gebrek aan virtuele blad voor onze virtuele mond.  Dat wij het nogal eens zouden durven zeggen, dat wij grappig zouden zijn, dat wij scherp zouden zijn . Whatever. er wordt eigenlijk zelden geklaagd over onze rantplantsoen. Er wordt al weleens iets geliked, in deze facebooktijden.
En ook wannneer wij onze grofheden niet louter beperken tot een beetje puberaal gespui op het internet maar ook al eens een podium betreden met wat teksten onzer hands die een mensch al eens 'poëzie' durft te noemen, krijgen wij al weleens een positieve commentaar. Negatieve commentaren hebben wij ook al gekregen, en toegegeven - ook al vinden we die kritieken niet direct al te prettig- voor de stoutmoedige kritiekgevers hebben wij altijd wel het meeste respect gehad.
Zo contrair zijn we wel, met complimenten schieten wij niet veel op, want complimenten zetten nu eenmaal niet aan tot groei.

Maar dus de positieve commentaren zijn doorgaans altijd wel in de meerderheid geweest. niet omdat wij zodanig getalenteerd zijn, dat lijkt ons niet waarschijnlijk. En al zeker niet omdat wij in ieders smaak zouden vallen. Dat lijkt ons onmogelijk. De reden voor de overvloed aan positiviteit lijkt ons dat menschen ofwel doof stom en blind zijn  aka géén referentiekader hebben ofwel zodanig veel schrik hebben om niet tof gevonden te worden dat ze botweg of zichzelf of hun medemens beliegen.

Is dat cynisme? Kan zijn, maar die cynische kijk heeft ons dan toch al wel heel veel complimenten opgebracht. haha
Los van het feit dat wij duidelijk een of ander psychisch probleem zouden hebben waardoor wij dus geen vleierijen verdragen, valt het ons ook wel op dat vele menschen ons vaak toejuichen omwille van onze grote blog/podiumbek tot op het punt dat onze grofheden zich niet louter richten tot de gemeenschappelijke vijand, aka de andere.
Op het ogenblik dat wij grof worden tegen  de mensch die net nog juichtte om onze grofheden, houdt het gejuich ineens op.  haha

Wij hebben dit al voorgehad met een singer-songwriter, een poëet, een andere poëet, eigenlijk met heel veel poëten, met een gothic-masochist, met een andere singer-songwriter, met een Vitalski-volgend vrouwmensch/singer songwriter én met een fervente Jotie t'Hooftfan. haha

Feit is dat wij een lafbek zijn, dat wij onze commentaren rustig uittypen achter een computer met niemand in de buurt om ons af te leiden, op andere gedachten te brengen. Niemand in de buurt om ons zodanig op de zenuwen te werken dat we fysiek agressief kunnen worden en met voldoende tijd en ruimte en koffie in de buurt en wikipedia en spellingscontrole om te spuien wat er echt op onze lever ligt. Dat is laf. Dat weten wij.

En naast lafheid en cynisme valt er ons nog zoveel te verwijten. Dat weten wij en wij vragen ons geregeld af waarom niemand dit dan doet. Waarom de kritiek alleen maar komt van gekwetste personen... Waarom er alleen maar sprake is van een gebrek aan respect wanneer het over iets gaat waar je zelf bij betrokken bent, maar wanneer het over iemand anders gaat is het plots 'scherp' en 'satirisch'
Waarom vragen om verkeersveiligheid alleen maar komen van ouders van overreden kinderen. Aandacht voor CVS alleen maar van patiënten met CVS

En er is geen antwoord. Ons waarom is - zoals gewoonlijk- maar 'raar'
Zoals gewoonlijk dus. Wij stellen rare eisen, wij stellen rare vragen, want wij zijn raar.  Dat zijn wij altijd al geweest
Raar.
Of voor wie ons alsnog te vriend is wij zijn speciaal of contrair
En voor wie ons te vijand is: wij zijn een aandachtshoer

Maar altijd laf en cynisch
en veel won ton uit de sun wa